Home Arbeidsmarktinformatie
Arbeidsmarktinformatie

Stijging beroepsbevolking door langer doorwerken

Ga naar werk.nl voor werkzoekenden | werkgevers
  Print 

Toename beroepsbevolking komt vooral door langer doorwerken

Mensen blijven steeds langer doorwerken. De afgelopen 10 jaar steeg de werkzame beroepsbevolking daardoor met bijna een half miljoen mensen. Dit is 80 procent van de algehele stijging van de beroepsbevolking. Langer doorwerken heeft een groot effect op het aantal arbeidskrachten en leidt tot vergrijzing van het personeelsbestand.

Meer ouderen werken

Eén van de meest dominante arbeidsmarkttrends van de afgelopen tijd is dat er tot steeds hogere leeftijd wordt gewerkt. Dit is duidelijk te zien aan de stijgende netto participatiegraad van ouderen (zie figuur 1). De netto participatiegraad is het aantal werkenden als percentage van de bevolking. De afgelopen tien jaar is deze sterk gestegen, vooral voor 60 tot 65-jarigen. Meer dan de helft van de 62-jarigen is tegenwoordig aan het werk, terwijl dit 10 jaar eerder 20% bedroeg. Bij 69-jarigen is er nauwelijks verandering en werkt 1 op de 10 personen.

Figuur 1: Netto participatiegraad naar leeftijd in 2005 en 2015 (Bron: CBS/bewerkt door UWV):

Netto participatiegraad naar leeftijd in 2005 en 2015
In vrijwel alle Europese landen stijgt de netto participatiegraad van ouderen. De afgelopen tien jaar is de stijging in Duitsland duidelijk het hoogst, maar in Nederland is de stijging ook hoger dan het EU-gemiddelde. Ten opzichte van de Scandinavische landen en Groot-Brittannië is er sprake van een inhaalslag en nadert Nederland hun participatiegraad.

Hogere opleiding en hervormingen pensioenstelsel oorzaak langer doorwerken

De stijgende netto participatiegraad van ouderen heeft meerdere oorzaken. Zo stijgt het opleidingsniveau van 55-plussers. Mensen met een hoger opleidingsniveau participeren vaker op de arbeidsmarkt. Verder is de instroom in arbeidsongeschiktheidsregelingen lager, waardoor mensen tot hogere leeftijd blijven werken. Een andere belangrijke oorzaak is de reeks hervormingen van het pensioenstelsel de afgelopen jaren. Deze hebben de financiële prikkels om langer door te werken aanzienlijk vergroot. Met het afschaffen van de VUT (Vervroegde uittreding) en prepensioenregelingen werd het voor veel werkenden financieel onhaalbaar om eerder met pensioen te gaan. Dit werd versterkt doordat pensioenen niet meer werden verhoogd, vanwege de sterk teruggelopen dekkingsgraden van de pensioenfondsen.

Verder verschuift de AOW-gerechtigde leeftijd stapsgewijs van 65 jaar in 2012 naar 66 jaar in 2018 en 67 jaar in 2021. Dit heeft niet alleen een effect op 65-plussers, maar ook op de jongere groep die de pensioenleeftijd nadert en hierop anticipeert. Door deze hervormingen van het pensioenstelsel steeg de gemiddelde pensioneringsleeftijd in Nederland in relatief korte tijd sterk: van 61,0 jaar in 2005 tot 64,4 jaar in 2015.

Fictieve werkzame beroepsbevolking

Hoe groot is nu het effect van langer doorwerken van ouderen? Om deze vraag te beantwoorden is een fictieve werkzame beroepsbevolking berekend. Hierbij wordt verondersteld dat de netto participatiegraad van 55 tot 70-jarigen tien jaar lang gelijk blijft aan die van 2005 (zie groene lijn figuur 1). De werkzame beroepsbevolking van 55 tot 70-jarigen bedraagt dan in 2015 niet de feitelijke 1.484.000, maar zou iets boven de 1 miljoen uitkomen. Een verschil van 483 duizend.

Figuur 2: Effect op de werkzame beroepsbevolking vanwege langer doorwerken (Bron: CBS/bewerkt door UWV):

Figuur 2: Effect op de werkzame beroepsbevolking vanwege langer doorwerken
Het grootste deel van de toename van de werkzame beroepsbevolking komt vanuit de 55 tot 65-jarigen. Slechts 11% van het effect is toe te schrijven aan het langer doorwerken van 65-plussers. Bovendien werken 65-plussers vaak in deeltijd, dus het arbeidsvolume is hierdoor niet sterk beïnvloed. Zowel vrouwen als mannen werken langer door. Het effect van langer doorwerken blijkt nagenoeg gelijk verdeeld over mannen en vrouwen. Wel werken oudere mannen nog steeds vaker dan oudere vrouwen.

Langer doorwerken heeft groot effect op beroepsbevolking

De toename van de werkzame beroepsbevolking door langer doorwerken (483 duizend), kan worden gerelateerd aan de stijging van de gehele beroepsbevolking tussen 15 en 75 jaar. Tussen 2005 en 2015 steeg de gehele beroepsbevolking met 600 duizend personen. 80 procent van de stijging van de gehele beroepsbevolking in het afgelopen decennium is daarom toe te schrijven aan het langer doorwerken van ouderen. Het langer doorwerken heeft een zeer groot effect gehad op het aanbod van arbeid. Op lange termijn stijgt ook de vraag naar arbeidskrachten, omdat de concurrentiekracht van het bedrijfsleven verbetert.

Een vergrijzend personeelsbestand

Het aantal werkende 55-plussers is in de afgelopen tien jaar met bijna tweederde toegenomen. In 2015 is 18% van de werkenden 55 jaar of ouder, terwijl dit tien jaar daarvoor nog 12% was. Steeds meer werkgevers hebben daarom te maken met een vergrijzend personeelsbestand. Een deel van de werkgevers vindt dat de relatieve productiviteit van oudere medewerkers achterblijft bij hun loonkosten. Dit blijkt uit een recent rapport van Netspar.

Via investeringen in duurzame inzetbaarheid van oudere werknemers door bijvoorbeeld scholing, kunnen zij productiever langer doorwerken. Verder hebben ouderen vaak kennis, ervaring en competenties waar jongeren nog niet over beschikken. Zo oordelen werkgevers dat 55-plussers beter zijn in productieve competenties zoals zelfstandigheid, nauwkeurigheid, planning van het werk, omgaan met verantwoordelijkheid en leidinggeven. Dit zijn competenties die werkgevers waarderen en ervoor zorgen dat oudere werknemers langer doorwerken. Misschien dat deze waardering ertoe kan leiden dat werkgevers ook iets vaker oudere werklozen gaan aannemen. Want voor hen is het namelijk nog steeds moeilijk om een nieuwe baan te vinden.

Nieuwe publicatie

Arbeidsmarktregio