Vakantie en verlof

  Print 

Vakantie en verlof

Uw werknemer heeft ieder jaar recht op vakantie-uren en vakantiegeld. Daarnaast mag hij gebruikmaken van verschillende soorten verlof, zoals zwangerschapsverlof, ouderschapsverlof en zorgverlof. Elk verlof heeft zijn eigen wettelijke regels waar u en uw werknemer zich aan moeten houden.

Vakantiedagen

Volgens de wet heeft uw werknemer elk jaar recht op minimaal 4 keer het aantal uren dat hij per week werkt. Als iemand 32 uur per week werkt, heeft hij dus recht op 128 vakantie-uren per jaar. Dit zijn de wettelijke vakantie-uren. Als u met uw werknemers meer vakantie-uren heeft afgesproken, dan zijn dat de zogenaamde bovenwettelijke vakantie-uren.

Daarnaast gelden onder andere deze regels voor de opbouw van vakantiedagen:

  • Uw werknemer vraagt de vakantiedagen die hij wil opnemen bij u aan. U mag alleen bezwaar maken als u daarvoor een reden heeft die heel belangrijk is voor uw bedrijf. U moet uw bezwaar binnen 2 weken na de vakantieaanvraag schriftelijk aan uw werknemer laten weten. Doet u dat niet, dan kan uw werknemer de vakantiedagen opnemen. 

  • Tijdens ziekte, zwangerschapsverlof of bevallingsverlof bouwt uw werknemer gewoon vakantiedagen op.

  • Wettelijke vakantiedagen blijven nog een half jaar geldig na het jaar waarin uw werknemer ze heeft opgebouwd.

  • U mag schriftelijk een langere termijn afspreken.

  • Uw werknemer mag de bovenwettelijke vakantie-uren verkopen voor geld als u het daarmee eens bent.

Meer informatie over de wettelijke regels voor vakantiedagen leest u op rijksoverheid.nl.

naar boven

Vakantiegeld

Uw werknemer heeft ieder jaar wettelijk recht op vakantiegeld (ook wel vakantiebijslag of vakantietoeslag genoemd). Dit is minimaal 8% van het bruto jaarsalaris en kan alleen minder zijn als dat in uw cao staat. Daarnaast moet u rekening houden met onder andere deze regels:

  • Het vakantiegeld wordt berekend over het loon van het afgelopen jaar (meestal van mei tot mei). Sommige cao’s wijken hiervan af.

  • U betaalt het vakantiegeld minimaal 1 keer per jaar, meestal in mei of juni. Afspraken hierover zet u in de arbeidsovereenkomst of staan in de cao.

  • Ook bij ziekte bouwt uw werknemer vakantiegeld op. Tijdens zwangerschaps- en bevallingsverlof betaalt UWV het vakantiegeld.

  • Als een arbeidsovereenkomst eindigt, betaalt u uw werknemer nog vakantiegeld over de maanden waarin hij bij u werkte. Dat neemt u op in de eindafrekening.

Meer informatie over vakantiegeld leest u ook op rijksoverheid.nl.

naar boven

Zwangerschaps- en bevallingsverlof

Als een werknemer zwanger is, heeft zij recht op zwangerschapsverlof en bevallingsverlof. Het totale verlof duurt minimaal 16 weken. Tijdens het zwangerschaps- en bevallingsverlof betaalt UWV het loon van uw werknemer.

Zwangerschapsverlof

De periode tot en met de bevalling is het zwangerschapsverlof. Uw werknemer mag kiezen of zij 6 of 4 weken voor de uitgerekende bevallingsdatum met verlof gaat. Kiest ze voor 4 weken, dan heeft ze nog 2 weken extra bevallingsverlof. Wordt de baby na de uitgerekende bevallingsdatum geboren, dan wordt de tijd tussen de uitgerekende datum en de bevalling bij het zwangerschapsverlof geteld. Dit verlof kan daardoor langer duren dan 6 weken. Het totale verlof kan daardoor samen meer dan 16 weken kan zijn.

Bevallingsverlof

Dit is de periode na de bevalling. Het verlof duurt minstens 10 weken achter elkaar en kan oplopen tot maximaal 16 weken. Dat gebeurt als de baby wordt geboren voordat uw werknemer zwangerschapsverlof heeft opgenomen. Uw werknemer heeft dan geen zwangerschapsverlof gehad. Het bevallingsverlof gaat meteen in en dit duurt dan 16 weken. Het zwangerschaps- en bevallingsverlof samen duren namelijk minimaal 16 weken.

Uw werknemer kan u vragen of hij het bevallingsverlof na de eerste 10 weken in delen mag opnemen. De eerste 10 weken moet hij wel na elkaar opnemen (zie hiervoor).

Meer informatie over zwangerschapsverlof en bevallingsverlof leest u op rijksoverheid.nl.

naar boven

Kraamverlof

Uw werknemer heeft recht op 2 dagen betaald kraamverlof als zijn of haar echtgenote of partner is bevallen. Voor de bevalling zelf kan uw werknemer calamiteitenverlof opnemen. Uw werknemer mag daarnaast 3 dagen ouderschapsverlof opnemen. Dit is onbetaald verlof, tenzij het anders is afgesproken in de arbeidsovereenkomst of in de cao.

Uw werknemer moet het kraamverlof en ouderschapsverlof opnemen binnen 4 weken na de geboorte van de baby of na thuiskomst uit het ziekenhuis.

Meer informatie over kraamverlof vindt u op rijksoverheid.nl.

naar boven

Ouderschapsverlof

Om meer tijd te besteden aan de zorg voor de kinderen, mag uw werknemer ouderschapsverlof opnemen. Daarvoor gelden onder andere de volgende voorwaarden:

  • Het ouderschapsverlof geldt voor kinderen tot 8 jaar.

  • Uw werknemer mag 26 keer het aantal wekelijkse werkuren aan verlof opnemen.

  • Het verlof is onbetaald, tenzij in het contract of cao anders is afgesproken.

  • Beide ouders mogen ouderschapsverlof opnemen.

  • Uw werknemer vraagt het ouderschapsverlof schriftelijk bij u aan en doet dat minimaal 2 maanden voor het verlof ingaat.

Meer informatie over ouderschapsverlof leest u op rijksoverheid.nl.

naar boven

Adoptieverlof en pleegzorgverlof

Als uw werknemer een pleegkind of adoptiekind in huis neemt, mag hij hiervoor verlof opnemen. Daarvoor gelden onder andere de volgende wettelijke regels:

  • Uw werknemer vraagt het verlof minimaal 3 weken voordat hij het wil opnemen bij u aan.

  • Het adoptie- en pleegzorgverlof duurt maximaal 4 weken.

  • Uw werknemer mag het verlof gespreid over een periode van 26 weken opnemen. Dit kan ingaan vanaf 4 weken voordat het kind in huis komt.  

  • U vraagt samen met uw werknemer bij UWV een uitkering voor hem aan voor de periode van het verlof. Meer informatie over de aanvraag van een adoptie- en pleegzorguitkering leest u op uwv.nl.

Meer informatie over het adoptieverlof en pleegzorgverlof leest u op rijksoverheid.nl.

naar boven

Kortdurend en langdurend verlof

Bij ziekte van de partner, kind of ouder mag uw werknemer volgens de wet kortdurend of langdurend zorgverlof opnemen. Dit geldt ook voor zussen, broers, kleinkinderen, grootouders, huisgenoten en bekenden. U mag dit verlof alleen weigeren als u een reden heeft die belangrijk is voor het bedrijf. Uw werknemer bouwt tijdens het zorgverlof vakantiedagen op.

Kortdurend zorgverlof

Uw werknemer mag binnen een jaar na de 1e dag van het verlof maximaal 2 keer zijn wekelijkse werkuren opnemen voor kortdurend zorgverlof. U betaalt volgens de wet minimaal 70% van zijn salaris tijdens dit verlof, maar in uw bedrijf kunnen andere afspraken gelden die in de cao of, met de ondernemingsraad of personeelsvertegenwoordiging gemaakt zijn.

Landurend zorgverlof

Als langer verlof nodig is, omdat bijvoorbeeld zijn partner ernstig ziek is, mag uw werknemer langdurend zorgverlof opnemen. Uw werknemer vraagt het langdurend zorgverlof minstens 2 weken voordat het verlof ingaat schriftelijk aan. De duur is maximaal 6 keer het aantal wekelijkse werkuren en uw werknemer moet het verlof binnen een jaar na de 1e dag van het verlof opnemen. Tijdens dit verlof heeft uw werknemer wettelijk geen recht op salaris, maar in uw bedrijf kunnen andere afspraken gelden die in uw cao of met de ondernemingsraad of personeelsvertegenwoordiging zijn gemaakt.

Meer informatie over kortdurend en langdurend zorgverlof leest u op rijksoverheid.nl.

naar boven

Calamiteitenverlof

Calamiteitenverlof is bedoeld voor persoonlijke omstandigheden waarvoor uw medewerker onverwacht vrij moet nemen. Een calamiteit is bijvoorbeeld een sterfgeval of een lekkage in het huis. De duur hangt af van de reden van het calamiteitenverlof. Het calamiteitenverlof is volgens de wet een betaald verlof, maar in uw bedrijf kunnen andere afspraken gelden die in de cao of met uw ondernemingsraad of personeelsvertegenwoordiging zijn gemaakt.

Meer informatie over calamiteitenverlof leest u op rijksoverheid.nl.

naar boven